Inleiding
Allah, de Allerhoogste, aanvaardt alleen daden die correct en oprecht zijn. Om door Allah te worden aanvaard, moet een daad daarom in overeenstemming zijn met de regels van de islamitische wetgeving en uitsluitend voor Allah worden verricht.
Een recitator moet bij het lezen dan ook bepaalde principes in acht nemen. Hieronder bespreken we de belangrijkste punten.
1. In een staat van rituele reinheid verkeren
De recitator moet vrij zijn van alles wat zijn kleine rituele wassing – الوُضوءُ – verbreekt, maar ook van alles wat de grote rituele wassing – غُسْل – noodzakelijk maakt. De lezer van de Heilige Koran moet dus in een staat van rituele reinheid verkeren.
Dit geldt ook voor de kleding, die vrij moet zijn van iedere onreinheid.
2. De plaats van de recitatie
De plaats waar de recitatie wordt verricht, moet volgens de criteria van de islamitische wetgeving ritueel rein zijn – طَهار.
3. Bescherming zoeken bij Allah
De recitator van de Koran zoekt bescherming bij Allah, de Allerhoogste, door de formule uit te spreken waarmee men bescherming zoekt tegen de duivel – تَعَوُّذٌ. Dit moet worden uitgesproken wanneer men aan het begin of in het midden van een soera met de recitatie begint, overeenkomstig de woorden van Allah:
فَإِذَا قَرَأْتَ الْقُرْآنَ فَاسْتَعِذْ بِاللَّـهِ مِنَ الشَّيْطَانِ الرَّجِيمِ
“Wanneer je de Koran reciteert, zoek dan bescherming bij Allah tegen de vervloekte duivel.” (Soera 16, vers 98)
4. De basmala uitspreken
De lezer moet aan het begin van iedere soera de basmala uitspreken, behalve bij Soera at-Tawbah, De Berouwtoning (09):
بِسْمِ اللَّـهِ الرَّحْمَـٰنِ الرَّحِيمِ
In de naam van Allah, de Meest Barmhartige, de Meest Genadevolle.
5. Concentratie
De recitator moet lezen met geestelijke aandacht en concentratie, uit eerbied voor de Heilige Koran. Allah, de Allerhoogste, zegt:
لَوْ أَنزَلْنَا هَـٰذَا ٱلْقُرْءَانَ عَلَىٰ جَبَلٍ لَّرَأَيْتَهُۥ خَـٰشِعًا مُّتَصَدِّعًا مِّنْ خَشْيَةِ ٱللَّـهِ
“Als Wij deze Koran op een berg hadden neergezonden, dan zou je die uit nederigheid voor Allah vernederd en uiteengespleten hebben gezien.”
6. Nadenken over de betekenis van de verzen
De lezer moet aandachtig lezen en nadenken over de betekenis van wat hij reciteert. Allah, de Allerhoogste, zegt:
أَفَلَا يَتَدَبَّرُونَ ٱلْقُرْءَانَ أَمْ عَلَىٰ قُلُوبٍ أَقْفَالُهَآ
“Denken zij dan niet na over de Koran? Of bevinden zich sloten op hun harten?” (47:24)
7. De stem verfraaien
De lezer moet zijn stem tijdens de recitatie verfraaien, zonder hoogmoed. Al-Barâ’ ibn Âzib – moge Allah tevreden met hem zijn – heeft overgeleverd dat de Boodschapper van Allah ﷺ zei:
“Verfraai de Koran met jullie stemmen.”
(Bron: Sunan Abi Dawoed, deel 2, hoofdstuk over het gebed: Istihbab at-Tarteel fee al-Qira’a, hadith 1468, al-Maktaba al-Asriya, Sayda, Beiroet)
Aboe Hoerayra – moge Allah tevreden met hem zijn – heeft overgeleverd:
“Wie de Koran niet met een melodieuze stem reciteert, behoort niet tot ons.”
(Bron: Sahih al-Boekhari, deel 9, boek van Tajwid, p. 188, Dar Ihya al-Turath al-Arabi, Caïro, 1378 H – 1958)
Het doel van het verfraaien van de stem is om het begrip van de betekenis van de tekst te vergemakkelijken en iemand die luistert ertoe aan te moedigen de schoonheid van de stijl en de woorden te waarderen.
Een melodieuze recitatie die bedoeld is als vermaak, is verboden – حَرام. Het is eveneens verboden om te reciteren volgens de melodie en toonstructuur van muziek.
Een authentieke, melodieuze en mooie recitatie bestaat uit het correct uitspreken van de letters en woorden van de Koran, terwijl de Tajwidregels nauwkeurig worden toegepast.
8. Naar de recitatie luisteren
Iedereen die de recitatie van de Koran hoort, ongeacht of deze afkomstig is van een qari – een recitator –, de radio, televisie, computer of een andere bron, wordt opgedragen om te luisteren, na te denken en over de betekenis van de verzen te reflecteren. Allah, de Allerhoogste, zegt namelijk:
وَإِذَا قُرِئَ ٱلْقُرْءَانُ فَٱسْتَمِعُوا۟ لَهُۥ وَأَنصِتُوا۟ لَعَلَّكُمْ تُرْحَمُونَ
“Wanneer de Koran wordt gereciteerd, luister er dan aandachtig naar en zwijg, opdat jullie barmhartigheid mogen ontvangen.” (7:204)
De lezer moet eveneens vermijden om de recitatie te onderbreken om met mensen te spreken, behalve wanneer dit noodzakelijk is.
9. Het gapen onderdrukken
Tot de goede manieren die in acht moeten worden genomen, behoort dat de lezer de neiging om te gapen tijdens de recitatie probeert te onderdrukken.
10. Getuigen van de waarheid van de woorden van Allah
De lezer moet getuigen van de waarheid van de woorden van Allah, de Allerhoogste, en gehoor geven aan Zijn oproep en aan de raadgeving van de Profeet ﷺ.
11. Dankbaarheid tonen
De lezer moet Allah, de Allerhoogste, danken voor Zijn vrijgevigheid wanneer hij een vers over barmhartigheid leest, en bescherming bij Allah zoeken wanneer hij verzen van waarschuwing reciteert.
Conclusie
In deze drieëntwintigste Tajwidles hebben we de belangrijkste gedragsregels geleerd die tijdens de recitatie van de Heilige Koran in acht moeten worden genomen.
De Koran is geen gewoon boek. Het is het Woord van Allah, de Allerhoogste. Daarom moet hij op de best mogelijke wijze en in overeenstemming met de islamitische wetgeving worden behandeld.
In de volgende les zullen we, in shaa Allah, de drie toegestane manieren van Koranrecitatie bestuderen.
Reserveer uw gratis proefles van 30 minuten
Inschrijfformulier
Geen reacties
Er zijn momenteel geen reacties.
Er zijn momenteel geen reacties.